header background image
 


“Elk kind heeft recht op gezondheidszorg,” staat in het internationaal verdrag van de rechten van het kind, dus ook op geestelijke gezondheidszorg. Jammer genoeg komen veel kinderen en jongeren met psychische problemen niet bij de juiste hulp terecht: de wachtlijsten zijn lang, de drempel is hoog, privétherapie is duur. Hieraan wil TEJO (Therapeuten voor Jongeren) tegemoet komen. In een TEJO-huis kunnen jongeren tussen 10 en 20 jaar terecht voor een gesprek met een professionele therapeut. De begeleiding is gratis, anoniem, gemakkelijk bereikbaar, onmiddellijk en kortdurend. In West-Vlaanderen is er een TEJO-huis in Brugge, Oostende, Kortrijk, Roeselare en Ieper.

Vrijzinnig West-Vlaanderen is begaan met het welzijn van kinderen en jongeren. Daarom zamelen wij tijdens de warmste week geld in ten voordele van de TEJO-huizen in onze provincie. Om deze organisatie beter te leren kennen, ging ik langs in het TEJO-huis in Ieper. Daar werd ik warm ontvangen door Luc Billiet en Geertrui Seys, bestuursleden van TEJO Ieper.

Hoe is TEJO ontstaan?

Luc: “Ingrid de Jonghe richtte TEJO op.  Zij is advocaat van opleiding,  en specialiseerde zich in de jeugdadvocatuur. Zo kwam ze in contact met heel wat jongeren met  psychische problemen. Dat motiveerde haar om psychologie te gaan studeren en een therapie-opleiding te volgen. Ze richtte in 2009 de vzw ‘jeugdtherapeuten zonder grenzen’ op, met als doel om hulpverlening toegankelijk te maken voor elke jongere. In 2010 werd dan het eerste TEJO-huis geopend in Antwerpen en in de jaren daarna volgden nog heel wat TEJO-huizen.”

Vanwaar het idee om in Ieper een TEJO-huis op te richten?

Geertrui: “In 2017 kwam Gwendy Moentjens, mede-oprichtster van TEJO Gent, spreken voor de Orde van den Prince. Dat is een taalgenootschap waarvan zowel Luc als ikzelf lid zijn. Gwendy’s betoog was heel inspirerend, ze vertelde ons een paar geanonimiseerde verhalen van jongeren,… we werden er stil van.”
Luc: “We waren zo geraakt door die verhalen dat we dachten: ‘Hier in de Westhoek is er ook een nood.’ En we besloten om in Ieper een TEJO-huis op te richten. Vanaf dan ging het heel snel. Doordat ik in het bestuur van de Orde van den Prince zat, kreeg ik de coördinerende rol toegewezen bij de oprichting van TEJO Ieper. Geertrui werd onze PR-verantwoordelijke. In de warmste week werd geld ingezameld, daarnaast deden een aantal serviceclubs een gift. Dankzij het sociaal huis kregen we een pand ter beschikking, en binnen het jaar hadden we vrijwilligers gevonden.”   

Werken jullie volledig op vrijwilligerskrachten?

Geertrui: “Ja. Iemand zei mij onlangs: ‘Dat kan toch niet! Therapeuten worden al te weinig betaald!’ Dat is specifiek aan TEJO, wij werken met therapeuten die hun werk een paar uur in de week gratis willen doen. Ook de mensen van het onthaal zijn vrijwilligers.  Zij stellen de jongeren die binnenkomen op hun gemak, bieden iets aan om te drinken. Daarnaast doen ze administratief werk.”

Aan welke voorwaarden moet je voldoen om als therapeut aan de slag te gaan bij TEJO?

Luc: “In alle TEJO-huizen gelden dezelfde voorwaarden. Een diploma in psychologie of menswetenschappen is niet voldoende. Er wordt ook verwacht dat je een therapie-opleiding gevolgd hebt of tenminste een deel hiervan afgerond hebt. We geven de voorkeur aan de oplossingsgerichte therapie, maar ook mensen uit bijvoorbeeld de psychoanalytische stroming zijn welkom. “

Vanuit welke nood is TEJO ontstaan?

Geertrui: “We kregen in het begin wel eens de opmerking: ‘Is TEJO wel nodig? Iedere school heeft toch een zorgcoördinator?’ Maar sommige jongeren willen net niet bij die persoon aankloppen, omdat die dan misschien met de leerkrachten gaat praten, ze willen niet dat alles wat ze vertellen in hun schooldossier komt. Hier kunnen ze anoniem hun verhaal doen. Daarom kozen we er bewust voor om niet te dicht bij een school te zitten.”
Luc: “De drempel naar zorgverleningsinstanties is hoog, denk ik. Je komt in een ‘instelling’ terecht. Hier kom je terecht in een huis dat er speciaal voor jongeren is en waar anonimiteit gegarandeerd wordt. Het is hier gezellig en huiselijk, dat is voor onze werking zeer belangrijk.”
Geertrui: “Het enige wat een jongere die binnenkomt moet doen, is zijn of haar voornaam geven, dus geen adres, telefoonnummer of familienaam.  Ze moeten geen goedkeuring hebben van hun ouders. Maar het gebeurt ook wel eens dat de jongere vergezeld wordt door één of beide ouders, dat vormt uiteraard geen probleem.”

Kampen jongeren in onze provincie met meer psychische problemen dan in andere provincies?

Luc: “Uit een onderzoek van de KU Leuven bleek dat West-Vlamingen niet méér suïcidale gedachten hebben, maar dat ze minder snel hulp zoeken,… en eerder overgaan tot het uitvoeren van hun plannen. Vooral de kust en de grensstreek scoren slecht op dat vlak.”
Geertrui: “Ik denk dat mensen in andere provincies opener spreken over hun problemen. Hier komt men er niet snel voor uit dat het niet goed gaat.”
Luc: “’Zwijgen en voortdoen,’ hoor je wel eens. Hoewel ik denk dat er verbetering op komst is, ik merk dat de jeugd mondiger wordt.”

Hoe komen jongeren terecht bij TEJO?

Luc: “We hebben geen lokale cijfers, wel op Vlaams niveau: 15% van de jongeren komt op eigen initiatief, 25% via familie en vrienden, 25% via leerkracht of CLB, 20% via ouders, soms komen de ouders zelfs mee, en 15% via andere hulpverleners, denk aan de huisarts, Centrum Algemeen Welzijnswerk,… Het gebeurt wel eens dat jongeren naar ons doorverwezen worden met problemen die echt niet voor ons zijn, bijvoorbeeld een jongere die heel suïcidaal is. Dan gaan wij met die persoon op zoek naar gepaste hulpverlening. We laten ze niet in de steek. Jammer genoeg zijn de wachtlijsten bij de meeste hulpverleningsinstanties lang.”

Vind je dat de overheid voldoende inspanningen doet voor het welzijn van jongeren?

Luc: “TEJO wil de overheid erop wijzen dat er moet ingezet worden op heel laagdrempelige hulp zodat problemen niet escaleren. Er zullen natuurlijk altijd jongeren zijn die zwaardere psychische problemen ontwikkelen, maar we zijn ervan overtuigd dat je veel problemen kan voorkomen door een sterk uitgebouwde onmiddellijke hulp, de zogenaamde ‘eerste lijn’.  Dit is nu niet het geval, het gros van de middelen gaat naar de residentiële hulp.”
Geertrui: “Ik kreeg al eens de opmerking: ‘Kunnen kinderen van tien jaar al op gesprek komen? Is dat niet veel te jong? Kinderen van tien hebben toch geen problemen?’ Dat klopt helemaal niet. Denk aan pesten, overbevraagd worden, problemen thuis,…Als ze hiermee blijven zitten, worden de problemen alleen maar groter.”
Luc: “We kregen zelfs al vragen van kinderen jonger dan tien,… We willen niet enkel op de overheid inspelen, maar ook verandering teweegbrengen in de maatschappij: luisteren naar jongeren, hun problemen niet opblazen, maar ook niet minimaliseren. Hen erkennen en ondersteunen. Dat gebeurt nu te weinig in bepaalde gezinnen, denk ik. En het gaat niet alleen over ouders, ook leiders in jeugdverenigingen kunnen bijvoorbeeld oog hebben voor de dingen waar jongeren mee worstelen.”
Geertrui: “Soms snapt een jongere de essentie van het probleem niet. Door hierover te spreken kan hij of zij de situatie eens van een andere kant bekijken. Toen ik bijvoorbeeld lessen woord gaf, kon ik uit de teksten die de leerlingen schreven soms afleiden wat hun gemoedstoestand was. Ik praatte hier met hen over, en schreef soms teksten voor hen, over hen. Daardoor bekeken ze hun situatie vanuit een andere invalshoek.”

Kan je voorbeelden geven van de problemen waarmee jongeren bij jullie aankloppen?

Geertrui: “Dat is heel divers: faalangst, pesten, rouwverwerking, relatieproblemen,… Sommige problemen kunnen heel ‘klein’ lijken, maar belemmeren de jongere in zijn of haar functioneren. Niet gelukkig zijn met je voornaam, bijvoorbeeld. Door hierover te praten kan voorkomen worden dat de  situatie escaleert. Veel jongeren kampen met identiteitsvragen. Ik denk aan een meisje dat de volledige zorg voor broertje of zusje moet opnemen, dat haar moeder moet helpen, en dat zich dan afvraagt: ‘Wie ben IK nu eigenlijk? Ben ik hier voor anderen of voor mezelf?’”
Luc: “Er komen ook jongeren langs met problemen in hun gezin. Spijtig genoeg zijn er nog steeds vechtscheidingen. Sommige ouders kunnen een echtscheiding moeilijk verwerken. Vroeger had je ellenlange procedureslagen in de rechtbank, met het vernieuwde echtscheidingsrecht gebeurt dat minder.  Daardoor proberen sommige mensen hun ex te raken door de kinderen tegen hem of haar op te zetten. Dat is zeer problematisch voor de kinderen, want zij willen loyaal zijn naar beide ouders toe.”

Hebben jullie de indruk dat de jongeren meer psychische problemen hebben dan vroeger?

Geertrui: “Ik denk dat het in ieder geval meer aan bod komt. Wat wisten wij vroeger van stress? Er werd veel verzwegen voor ons, twee ouders die niet overeenkwamen moest je betrappen op ruzies. Nu worden kinderen in de ruzies betrokken.”
Luc: “Een tweede verklaring is dat jongeren niet meer met rust gelaten worden. Wanneer iemand vroeger bijvoorbeeld gepest werd op school, kwam die thuis of in de jeugdbeweging in een veilige  omgeving terecht. Nu, met de sociale media, is er geen veilige omgeving meer.”
Geertrui: “Ik heb de indruk dat dat pesten nu intenser gebeurt dan vroeger, er zijn meer kanalen waarlangs er gepest kan worden.”
Luc: “ Sociale media hebben hun voordelen, maar ook hun nadelen. Sommige jongeren worstelen met hun identiteit door het ideaalbeeld dat hier opgehangen wordt. Vrienden en vriendinnen delen foto’s van hoe schitterend hun leven wel is, dat zijn slechts momentopnames, maar het lijkt hierdoor alsof alles op wieltjes loopt bij anderen,…. Er worden op die manier onrealistische  verwachtingen gecreëerd. “

Hoeveel jongeren komen op gesprek bij TEJO in Ieper?

Geertrui: “In het begin was er nog wat aarzeling bij de jongeren… Zo’n dingen moeten bekend worden door mond-aan-mondreclame: een jongere die zegt tegen een vriend of vriendin: ‘Daar werd ik echt geholpen.’”
Luc: “Wij zijn open op maandagavond en woensdagnamiddag, zo kunnen we wekelijks acht gesprekken aanbieden, sinds mei 2019 zitten die uren min of meer vol.”

Wat kunnen jullie doen met het geld dat we inzamelen tijdens de warmste week?

Luc: “Voorlopig moeten we geen huur betalen, we hopen dat dit zo blijft. Daarnaast zijn er natuurlijk nog heel wat kosten die gedekt moeten worden. Zoals: verzekeringen, water, verwarming en elektriciteit, ICT-kosten, publiciteit -want het is belangrijk dat alle jongeren weten dat we bestaan-, het aanschaffen van therapeutisch materiaal zoals boeken, teken- en boetseermateriaal, ... De vraag naar gesprekken stijgt, we hopen om in de toekomst onze openingsuren uit te breiden en een extra therapieruimte in te richten. Daarvoor hebben we genoeg therapeuten én voldoende middelen nodig.”
Geertrui: “We zijn blij met elke gift. Door een actie te organiseren ten voordele van TEJO, helpen jullie bovendien mee aan onze bekendmaking, en dat is van onschatbare waarde.”  
We doen ons best! Jullie doen mooi werk, ik wens jullie nog veel succes toe.  

Meer info over TEJO vind je op www.tejo.be





Auteur: Lore Alleman, , huisvandeMens Diksmuide

terug naar het overzicht