header background image
 


Crisis haalt extreem-rechts uit zijn holen...

Het begon met de crisis. Niet de financiële crisis van 2008, maar het begin van de grote crisis in 1973. We waren ze al bijna vergeten, maar tot vandaag werkt die nog alle dagen door. De crisis van 2008 was één passage in die op- en neergaande beweging van achteruitgang, die toen begon, en nog altijd duurt.

De kapitalistische economie kan alleen bloeien op kerkhoven en massaslachtingen.

Na de tweede wereldoorlog volgde een periode van heropbouw van Europa, met de groei die daarmee gepaard ging. Er waren de militaire investeringen door de koude oorlog en door de regionale oorlogen in Azië (Korea, Vietnam…). En daarbij was er een opleving van de automobielsector. Bloei, de werkloosheid in Europa daalde naar het normale minimum. Maar die groei ging sputteren rond 1970. De oorzaken: er was  zodanig veel geproduceerd dat de stocks met afgewerkte producten zich opstapelden, er was in de automobiel een productiecapaciteit van 94 miljoen, maar er werden er ieder jaar slechts 60 miljoen van verkocht. De gemiddelde jaarlijkse economische groei op wereldvlak daalde in de periode 1970-1990 naar rond de 3 %, vandaag is dat nog veel minder, en dan nog meer in Azië dan in Europa. De bloei stopte abrupt in 1973, met de oliecrisis: de olierijke landen kwamen op voor de eigen rijkdom in eigen handen, terecht vroeg de OPEC hogere prijzen. Irak was koptrekker, Lybië en Syrië steunden, het westen en zijn marionetten hebben het die landen nooit vergeven.

Fabrieken werden gesloten, de steenkoolmijnen, de textiel, de staalfabrieken, de ene sector na de andere ging kopje onder, kortom: het kapitaal vernietigde een deel van zichzelf. Reddingsplannen, plan-Claes noemde het voor de textiel, dienden ervoor dat de sterkere patroons massa's openbare middelen kregen, de zwakkere gingen failliet. De staatssteun diende om de eigen sterke patroons te wapenen voor een grotere internati-onale concurrentieslag tegen Japan en China, en tegen de USA. Albert Frère, een handelaar in oud ijzer, werd euro-miljardair in de staal, en kocht zich in in Suez, Mittal deed hetzelfde op wereldvlak. De tegenstellingen binnen de wereld van het geld groeiden, en dat had zijn gevolgen voor wat volgt. Dat is nu eenmaal het kapitalisme.

Op gevaar af van simplistisch te lijken, de hoofdlijnen. Politieke partijen hebben een reden van bestaan: elke partij is verbonden aan zijn geldschieters, sommige grote bedrijven (ITT, Philips...) subsidieerden alle traditionele partijen, anderen kozen één of andere partij om hun belangen te laten behartigen. Sedert oktober 2015 kennen al heel wat mensen de immoreus Immogra als één der financiers van VLD, (De Standaard, 30.06.2016) die nu heel veel projecten in de streek van Kortrijk in handen krijgt, gisteren het Sint-Maartenszie-kenhuis in Kortrijk, enkele jaren geleden het schone grote marktplein van Harelbeke...
De leiders van de traditionele partijen -die geen van allen nog echte volkspartijen waren- werden meer en meer de zaakwaarnemers en dienaars van het groot geld. En de mensen begonnen het te voelen, en keerden zich af van die traditionele partijen.  
Besparen, om ondernemers te kunnen steunen...  voor de werkende bevolking niets anders dan verarming... Tindemans, Martens, Dehaene, Claes, maar ook Verhofstadt, Vande Lanotte, Luc Van den Bossche, Van Miert , Di Rupo... zij brachten hun partijen en in het bijzonder de arbeidersvleugels van hun partijen in een hopeloos diskrediet. De ontgoocheling binnen de arbeiderspartijen in die individuen die zij – de arbeiders- groot hadden helpen maken, was torenhoog, het strijdbare deel van de werkers, de vakbonders keerden zich af van hun traditionele partijen, die nu volop de kaart van het kapitaal trokken, en daar stonden de erfgenamen van het nationaal-socialisme klaar om de gedesorienteerden op te vangen.

Het groot pro-Duits kapitaal had in België na de wereldoorlog zijn “zaakwaarnemers” nagelaten. Na de nederlaag van Krupp, BASF, Bayer en andere Grote Duitse monopolies verborgen de Duitse supporters zich in kleine cirkels en kelders, internationaal verbonden weliswaar. Tot eind de jaren '70, toen zetten ze midden de openbarstende crisis, de stap naar de openbaarheid. Sommigen bleven pro-Duits, anderen werden pro-Amerikaans. In Vlaanderen sloten ze perfect aan bij de het Verdinaso en het VNV van voor de oorlog (zag u -tot op vandaag- de fabrieksschouw van de Brandemolenweg in Deerlijk nog niet?) Partijen oprichten, daar hadden ze dus ervaringen mee. Het duurde nog enkele jaren van proberen, en in 1991 kwam de doorbraak met 1 miljoen stemmen. Anderen zoals De We-ver speelden het slimmer: ze gaven zich uit voor gematigden, maar volgden dezelfde lijn als het Blok, van steun aan de bedrijven en strijd tegen volksorganisaties (bijvoorbeeld de mutualiteiten…) en in het bijzonder tegen de organisaties van de arbeiders (vakbonden).

Vaak worden zowel de pro-nationaal-socialisten als de “gematigden” samen extreem-rechts genoemd. Buiten de kern van hun politiek, zie hierboven, delen ze ook een radicale kritiek tegen de “verkochte partijen”, (De Wever tegen Merkel…) en de corruptie, het zijn allemaal dezelfden, soms zelfs met wat demagogie tegen het kapitaal, en bijna altijd met het racisme als verdeel-en-heers-wapen tegen de eenheid van de werkende mensen. Niet alleen in België, maar in geheel de wereld die door het kapitaal gedomineerd is. En overal namen de traditionele partijen dan nog meer en meer de taal en de thema’s van die partijen over, de enen vroeger, de anderen later, de enen openlijker, de anderen meer verdoken. De grens tussen traditioneel aan de ene kant en extreem-rechts aan de andere kant, werd zo dun als een sigarettenblaadje, en telkens won extreem-rechts er bij.

Alléén waar echt en eerlijk consequent socialisme opstaat en terug aansluiting zoekt bij de misleide massa der werkers kan die stroming gekeerd worden. Het wisselend succes van alles wat in die richting gaat, al is het maar gedeeltelijk en tijdelijk (Mélenchon in Frankrijk, SP in Nederland, Corbyn in Groot-Brittanië,  Podemos in Spanje en Catalonië, Bernie Sanders in de USA…)  toont de weg die er te volgen is.





Auteur: Gaby Moreels - bron: tijdschrift Zoeklicht

terug naar het overzicht